Over de tram in Groningen

In Groningen zijn vergevorderde plannen voor tramlijnen in de stad en later naar plaatsen in de regio. Uitvoering van die plannen geeft de bereikbaarheid van stad en regio een flinke impuls. De plannen voorzien in 2 tramlijnen die vanaf 2016 het Hoofdstation, het Universitair Medisch Centrum (UMCG), het Zernikecomplex, waar veel universitaire en hbo-instellingen zijn gevestigd, de binnenstad en recreatiegebied/P+R-terrein Kardinge met elkaar verbinden.

Maar de tram blijft niet in de stad. Het is de bedoeling dat de trams na 2020 over bestaand spoor ook naar plaatsen in de regio gaat rijden. Het voordeel hiervan is dat reizigers uit de regio rechtstreeks, snel en comfortabel naar diverse bestemmingen in de stad kunnen reizen. In steden als Karlsruhe en Kassel rijden al regiotrams. Daar is dit concept een groot succes. Omdat de tram niet in de stad blijft maar ook de regio in rijdt, wordt de tram RegioTram genoemd.

Tramlijn 1: Hoofdstation – Zernike

Het tracé van Lijn 1

Het is de bedoeling dat in 2016 de eerste tram rijdt over het tracé van Lijn 1. Deze lijn verbindt het Hoofdstation met de binnenstad, het UMCG, het Noorderstation, de wijken Selwerd en Paddepoel, en het Zernikecomplex. Ten noorden van het UMCG komt een halte waar kan worden overgestapt op Lijn 2 naar Kardinge of de Grote Markt. Overstappen op stads- en streekbussen is mogelijk op het Zuiderdiep. In de Kastanjelaan, Eikenlaan en Zonnelaan rijdt de tram op een vrije trambaan, dus zonder ander verkeer. Men verwacht dat op werkdagen per dag zo’n 29.000 reizigers gebruik gaan maken van deze tramlijn. De tram legt het 7 km lange traject in 18 minuten af. Lijn 1 zal op werkdagen overdag, en op zaterdagmiddag, 8 keer per uur rijden. Daarbuiten rijdt de tram meestal 4 keer per uur.

Tramlijn 2: Hoofdstation – Kardinge

Het tracé van Lijn 2

De tweede tramlijn verbindt het Hoofdstation met de Grote Markt (hartje binnenstad), de noordkant van het UMCG en het transferium Kardinge, in het noordoosten van de stad. Bij Kardinge komen worden overgestapt op bussen naar de wijken Lewenborg en Beijum en streekbussen. Van het Hoofdstation tot en met het Zuiderdiep rijden de lijnen 1 en 2 over hetzelfde tracé. Waar Lijn 1 rechtdoor over het Kattendiep zal rijden, buigt Lijn 2 af naar de Oosterstraat. In deze relatief smalle voetgangersstraat komt over circa 240 meter strengelspoor, waardoor hier maar 1 tram tegelijk kan rijden. Bij de Bloemsingel kruisen de lijnen 1 en 2 elkaar. Lijn 2 rijdt verder over de huidige busbaan van de Oosterhamrikkade en eindigt bij Kardinge. Het alternatieve tracé via de Vinkenstraat is onlangs afgevallen. Net als Lijn 1 zal ook Lijn 2 op werkdagen overdag, en zaterdagmiddag, 8 keer per uur rijden. Daarbuiten rijdt de tram meestal 4 keer per uur. Ook Lijn 2 zal in 2016 gaan rijden, en dagelijks zo’n 20.000 passagiers vervoeren.

Inspraak leidt tot koppeling van tramlijnen

De tramlijnen kruisen elkaar op de Bloemsingel

In juni 2009 heeft de gemeenteraad het tracé van Lijn 1 vastgesteld. Daarna is dit tracé nader uitgewerkt in een Voorlopig Ontwerp. Dat ontwerp, en de varianten voor het tracé van Lijn 2, hebben veel reacties opgeroepen. Eén daarvan betrof het voorstel van de Bewonersorganisatie Beijum om delen van de lijnen 1 en 2 om te draaien, en deze lijnen elkaar te laten kruisen ten noorden van het UMCG. De stuurgroep heeft dit voorstel, de koppelingsvariant, overgenomen. Bij de tramhalte aan de Bloemsingel zullen de lijnen elkaar kruisen waardoor reizigers na een eenvoudige overstap veel meer bestemmingen kunnen bereiken met de tram. Een ander voordeel is dat trams kunnen uitwijken over een andere route als een deel van de normale route geblokkeerd is.

De tram in de regio

Regiotram in de regio

Een ander onderdeel van de plannen is gericht op het laten doorrijden van de tram over bestaand spoor naar plaatsen in de regio. De spoorlijn naar Hoogezand-Sappemeer komt hiervoor het eerst in aanmerking. Tussen Groningen en Sappemeer wordt vanaf 2020 het treinverkeer aangevuld met trams die vanuit Kardinge of Zernike naar Sappemeer rijden. In de periode tot 2040 komen ook de spoorlijnen naar Zuidhorn, Winsum en Bedum in aanmerking voor een RegioTram. Ook over de nog aan te leggen spoorlijn naar Heerenveen zou tot Leek een regiotram kunnen rijden. Verder zou Lijn 2 kunnen worden doorgetrokken in de wijken Beijum en/of Lewenborg, en komt er mogelijk een tram via het Martiniziekenhuis, Paterswolde en Luchthaven Eelde naar De Punt.

Financiering en realisering

Het afblazen van de Zuiderzeelijn leidde ertoe dat Noord Nederland 2,1 miljard euro kreeg ter compensatie. Dit geld is met name bestemd voor verbetering van de noordelijke infrastructuur. Eén van de projecten die van dit geld wordt betaald is de RegioTram. De investering (PDF) in 2 tramlijnen en 13 tramstellen is begroot op 307 miljoen euro. Dat blijkt nadat alle ramingen door externe deskundigen uitvoerig zijn onderzocht. AT Osborne heeft het geheel  uitvoerig nagerekend, en oordeelde dat er degelijke en professionele documenten zijn opgeleverd. De risico’s zijn goed in kaart gebracht en er zijn goede maatregelen getroffen om de kosten te beheersen. De tramlijnen kunnen sluitend worden geëxploiteerd (PDF), waardoor er niet ieder jaar geld bij hoeft.

De stuurgroep wil het verdere ontwerp van de tramlijnen, de bouw, de financiering, het onderhoud en de exploitatie voor 25 jaar onderbrengen bij één consortium van bedrijven. Zo’n geïntegreerde aanbesteding (PDF) staat bekend als de DBFMO-methode. Hiermee wordt voorkomen dat alle risico’s voor de overheid zijn. Uiteraard dient het consortium zich te houden aan de uitgangspunten die vooraf door de gemeente en provincie zijn bepaald.

Hoe verder?

aanbestedingsproces

De aanbesteding van het project is inmiddels begonnen. Op 3 maart 2011 werden de consortia bekend: Het Tramteam Groningen (Ballast Nedam, Strukton, ArrivA), Poort van Groningen (BAM, Alstom, Connexxion) en LinQ (o.a. Heijmans) gaan de strijd met elkaar aan. In november 2011 zou LinQ afhaken wegens gebrek aan vervoerder met tramervaring. De overige twee zijn op dit moment (februari 2012) bezig met het doorontwikkelen van hun plannen. Nadat deze plannen zijn beoordeeld wordt in de zomer van 2012 bekend welk consortium de opdracht krijgt. In het najaar van 2012 kan het contract tussen de opdrachtgever en het betreffende consortium worden getekend. In 2013 kan worden begonnen met de aanleg van de tramlijnen, waarover in de eerste helft van 2016 de trams zullen rijden.

Meer informatie

Alle informatie over de tramplannen is vanzelfsprekend te vinden op de officiële website van het Projectbureau RegioTram (www.regiotram.nl).